Heb je je ooit afgevraagd hoe die prijs op jouw mazoutfactuur eigenlijk tot stand komt? Achter de prijs per liter schuilt een complex maar transparant systeem van internationale markten, officiële Belgische berekeningen en distributiekosten.
In dit artikel leggen we stap voor stap uit hoe de mazoutprijs in België wordt bepaald — van de wereldoliemarkten tot jouw tank.
Stap 1 — De internationale olieprijs (Brent Crude)
Alles begint op de internationale oliemarkt. Ruwe aardolie wordt verhandeld als futurecontracten op de Intercontinental Exchange (ICE) in Londen. De Brent Crude is de benchmark voor Europese olie — het is het referentiepunt dat alle Europese energieprijzen beïnvloedt.
Wanneer de prijs per vat stijgt door geopolitieke spanningen, productiebesluiten van de OPEC of veranderende vraag, gaan ook de stookolieprijzen omhoog. Daalt de Brent-prijs, dan volgen de mazoutprijzen doorgaans binnen 1 à 2 weken.
Stap 2 — Raffinage en productkosten
Ruwe olie wordt niet rechtstreeks in jouw mazouttank gepompt. Het wordt eerst geraffineerd in grote raffinaderijen, waarbij verschillende producten worden afgesplitst: benzine, diesel, kerosine, stookolie, enz.
Raffinagekosten, energieverbruik van de raffinaderij en transport naar de opslagterminals (zoals de haven van Antwerpen) worden allemaal verrekend in de groothandelsprijs van stookolie voordat die bij leveranciers terechtkomt.
Stap 3 — De officiële maximumprijs van de FOD Economie
De Belgische overheid legt elke werkdag een nieuwe maximumprijs vast voor stookolie (Mazout H0/H7). Deze berekening is gebaseerd op een voortschrijdend gemiddelde van de internationale noteringen van de voorbije 10 werkdagen, omgerekend van dollar naar euro.
De maximumprijs varieert naargelang het afgenomen volume: leveringen van minder dan 2.000 liter zijn duurder per liter dan leveringen van 2.000 tot 5.000 liter, die op hun beurt duurder zijn dan leveringen boven de 5.000 liter. Dit is een officieel vastgesteld systeem met volumekortingen.
Leveranciers mogen nooit meer aanrekenen dan de maximumprijs. Ze mogen wel minder vragen — en concurrentie zorgt ervoor dat veel leveranciers dat ook doen.
Stap 4 — Belastingen en distributiemarges
Op de basisprijs komen nog accijnzen en energiebijdragen (vastgelegd door de federale overheid) en 21% btw. Deze belastingcomponent is stabiel en verandert enkel als de wetgever tussenkomt.
Tot slot voegt elke leverancier zijn eigen distributiekosten en winstmarge toe. Transportafstand, opslagcapaciteit en het concurrentieklimaat in jouw regio bepalen hoe groot die marge is. Vandaar dat de uiteindelijke prijs verschilt per leverancier en per regio.